Het project Kisaro is een werk van de Broeders van de Christelijke Scholen, die sinds 1953 in Rwanda werken en van dat ogenblik de Normaalschool in Byumba besturen. Aangemoedigd door de richtlijnen van het concilie, sprak broeder Mansuy het verlangen uit om een centrum op te richten dat de lotsverbetering van de armen in Rwanda structureel zou moeten verbeteren.
Bij een bezoek van de Belgische Provinciale Oversten aan Rwanda vroeg broeder Mansuy een broeder te sturen die met dit werk zou belast worden. Het was 1971. Datzelfde jaar had de Unesco het initiatief genomen om, in samenwerking met het Ministerie van Opvoeding CERAR's (Centre d'Education Rurale et Artisanale du Rwanda) op te richten : een onderwijsvorm voor jongens die zes jaar lager onderwijs gevolgd hadden en niet toegelaten waren in de middelbare school. De broeder, door broeder Mansuy gevraagd, zou de oprichting van de Cerar op zich nemen, die in september 1972 zou beginnen. Bij zijn terugkeer richtte broeder Provinciaal zich tot broeder Cyriel om zich aan dit werk te wijden. Broeder Cyriel was op dat moment 49 jaar en had als taak het bestuur van de boerderij en het economaat van het, klooster in Bokrijk en deed dat al gedurende 20 jaar. Deze ervaring zou hem later nog veel van pas komen...
Br. Cyriel vroeg aan zijn oversten om vooraf Rwanda te mogen bezoeken en in december 1971 vertrok hij voor een periode van 3 weken om zich te gaan vergewissen van de situatie. Hij besteedde veel aandacht aan het leven van de landbouwers, hun methodes en de opbrengsten. Onder de indruk van hun armoede en tegelijkertijd getroffen door de rijkdom van het klimaat en het grote potentieel aan arbeidskracht, bestudeerde hij het leerplan van de Cerar. Hij stelde met spijt vast dat men (alweer) de toestand wilde redden door een soort school waar er voor de praktijk zeer weinig tijd was voorbehouden. Zijn mening was dat een centrum dat te veel tijd besteed aan theoretisch onderricht en een min of meer klassieke vorming verstrekt, mensen vormt die uit de landbouw vluchten.
Het centrum voor landbouwvorming dat men CPA zal noemen, zal geen gelijkenis meer hebben met een school. Het geeft voornamelijk praktische opleiding die de landbouwer in staat moet stellen het hoofd te bieden aan de problemen eigen aan de stiel, en daarmee op een behoorlijke wijze zijn gezin kan onderhouden. Daartoe is een intensieve landbouw nodig. Vanwege zijn aardrijkskundige ligging, zijn hoge bevolkingsaangroei en zijn bodemgesteldheid moet Rwanda zich speciaal op de landbouw toeleggen. Dit is voor de grote meerderheid van de bevolking op dit ogenblik het enige middel van bestaan.

Terug in België deed broeder Cyriel een voorstel aan zijn oversten : Hij aanvaardde de leiding van de Cerar in Byumba als experiment en aanpassing, maar na drie jaar zou hij op een andere plaats de vorming van de eerste promotie voorzetten, om er landbouwers van te maken, bekwaam genoeg om nieuwe landbouwmethodes te propageren in Rwanda.

En zo werd de start gegeven van dit project. Op 4 september 1972 werd kwam broeder Cyriel voorgoed aan in Buymba. Op 15 oktober opende de Cerar zijn deuren voor 40 jongens. Het was één van de eerste Cerar's van Rwanda.

Ondertussen leende de regering van Rwanda ons 10 ha. Dat was april 1973. We hadden een concessie van de oud-koloniaal Schmit op Kisaro voorgesteld. Het feit dat broeder Cyriel nodig was om het centrum in Kisaro op te bouwen, bracht hem op het idee om vrijwilligers aan te trekken. Vanaf september 1973 kreeg hij hulp van André en Moniek Claes Tilkin zodat zij elkaar in Byumba en in Kisaro konden aflossen. In september 1974 kwam broeder Alexis bij ons en belastte zich let de eerste twee leerjaren in Buymba. Het derde leerjaar kreeg zijn vorming in Kisaro.

In juli 1975 werd het contract van de vrijwilligers niet verlengd en bleef broeder Cyriel alleen achter op Kisaro. Dat was ook het moment dat de eerste afgestudeerden van de Cerar de school verlieten. Het was hét moment om de CPA te starten. In november werd de vraag gericht aan het Ministerie van Jeugd om Kisaro onder zijn voogdij te nemen. Het Ministerie nam dit voorstel dadelijk aan en de overeenkomst werd op 22 december 1975 ondertekend. Dit betekende de definitieve start van het centrum voor landbouwvorming in Kisaro.